Categorie archief: Tussentijd

Weerzien

Een handreiking, een oud gebaar om flarden stilte,
om haar haren die hij soms beroert, zijn wang
haar zijde toegewend, zo nader zien zij
niet vooruit of weten, teder is het woord en in zichzelf gekeerd.

Het bereik in graad van hoogte, diepte peilbaar ver
zoals het westen van het oosten in scharlaken rood
het weten van wat uiterst zeldzaam komt en gaat,
beweegt zij het gebaar, de letters tot een zielsgenoot.

Advertenties

Ons huis

http://www.nothingpersonalthemovie.com/de wolken staan op openbarsten
nog is het binnen veilig en warm
alleen lig je, voor onbeschutte ramen vallen
druppels en jouw naam, zo stil het alfabet en luid de taal

daar drogen kleren die je draagt, zes lagen
leg je langzaam neer, al zachter nu
je oren open, dan gesloten
in de storm die niets vervaagt

verdragen doe je niets om eigen waarde
puur en zuiver is de lucht, ons huis
je leeft en tast de tijd, steeds vaker


Avond

Elke avond om half zeven, scheert door de schemer
een zwerm spreeuwen, ijlend als de nevel
vloeibaar, vlak voordat hij opengaat

in het kader van het kamerraam
heb ik je silhouet voor ogen, mijn schaduw
naast je staan, verstoten

om de woorden die als druppels worden opgediend
een dorst en niet te lessen
neiging die het aanzien van de avond overstroomt

De teugels glijden in de handen van de nacht
een stiller schuren, zacht waar de gedroomde schemer
opgaat in het smeken van een nieuwe dag